Tastbaar gebrek

Een poosje geleden voelde ik dat ik nog een keer naar het “ouderlijk” huis moest gaan. Ik heb geleerd naar deze gevoelens te luisteren, intuïtie – weten zonder kennis waarom.
En dus gingen Johan en ik op een zondagavond naar Leeuwarden, het huis was niet helemaal leeg maar wel al langere tijd onbewoond. Ik keek de afvalemmers na die nog vol stinkend afval zaten en stopte het in een afvalzak om mee te nemen naar huis. Verder deed het me eigenlijk niets, in dit huis waar ik ben opgegroeid woonde geen liefde en er was geen geborgenheid. Het duurde niet lang voor ik zei “laten we maar weer gaan” en ik stapte naar buiten met een zak afval.
Best wel symbolisch.
De volgende dag werd ik gebeld door m’n zus die ‘s morgens naar het ouderlijk huis was gereden om nog wat dingen te ordenen. Maar ze kwam er niet meer in, de sloten waren vervangen.
Met verbijstering beseften we hoever de haat van onze vader naar z’n kinderen is doorgeslagen. Heeft m’n vader de buren gevraagd om te melden als één van de kinderen het huis in zou gaan? Zou zo maar kunnen en weglopen met een afvalzak is natuurlijk heel verdacht. Niet dat er nog iets van waarde in het huis aanwezig was, maar toch.
Een dag later ging hier de bel, voor de deur zie ik m’n vader met z’n rollator staan. De “huishoudelijke hulp”- die feitelijk z’n nieuwe dochter is – heeft hem gebracht. Ik was stomverbaasd, de sloten vervangen van het ouderlijk huis en vervolgens bij mij op de stoep staan. Toch liet ik hem binnen, het is een oude man en ik wilde weten wat hij te melden had. Maar vader was alleen maar boos en begon m’n zus af te kraken, ik had het gevoel dat een bovennatuurlijke kracht zorgde dat ik rustig bleef zelfs toen m’n vader begon te schreeuwen en met z’n armen zwaaide. Ik heb hem verzocht weg te gaan en naar de voordeur gebracht. Daar bleef hij eerst staan dus liep ik weg naar de bijkeuken en wachtte af tot hij was vertrokken. Och arme ik, een poosje later hoor ik hem en z’n nieuwe dochter hier in huis schuifelen. Al met al duurde het daarna nog een uur voor ze echt vertrokken, enigst pluspunt was dat m’n vader in het bijzijn van z’n nieuwe dochter geen woede aanvallen heeft. Toen eindelijk de deur dicht ging was ik zover dat ik dacht – deze twee wil ik nooit meer zien of spreken.
Maar als een week later de broer van m’n vader overlijdt weet ik dat een volgend treffen onvermijdelijk is. Een groter contrast is niet denkbaar, oom Rieks en m’n vader hadden uiterlijk gelijkenissen maar daar hielden de overeenkomsten op. Hij was al geruime tijd ziek en z’n kinderen vertelden tijdens de herdenkingsdienst liefdevolle herinneringen aan hun vader. Ik werd er verdrietig van, foto’s op de muur – muziek – je kon de liefde voelen.
M’n vader was er ook met z’n nieuwe dochter en keek star voor zich uit.
Na de dienst lopen Johan en ik snel naar buiten, ik huil bijna nooit maar de tranen stromen over m’n wangen. Even later zie ik m’n zus en zwager ook naar buiten lopen, ze is net als mij in tranen na deze dienst waar de liefde voelbaar was. M’n zus zei uiteindelijk “zo doen wij het niet”. En dat kan ook helemaal niet, het gebrek aan liefdevolle herinneringen was nog nooit zo tastbaar als vandaag.

Reacties zijn gesloten.