Hou dat voor ogen

Op 3 oktober is ons kleinkind geboren, met acht pond een wolk van een jongen. Een mooi jongetje ook, komen de meeste baby’s verfrommeld en gestrest ter wereld zo niet bij een keizersnee. Gewoon plop – uit de moederschoot gepakt hebben ze een eersteklas start.
Voor de moeder is het minder fraai en na twee dagen kun je weer naar huis waar een kraamverzorgster de eerste week de scepter zwaait. Het moet allemaal zo snel en goedkoop mogelijk, toen ik ter wereld kwam was er twee weken een kraamhulp en dat was geen keizersnee.
Die spanningen zijn achter de rug, maar op de achtergrond zijn er nog steeds de frustraties over het gedrag van m’n vader, die van onze kinderen geen geboortekaartje heeft gehad. Het is niet anders, hij heeft z’n kinderen de rug toegekeerd en daarmee ook het contact met de kleinkinderen en achterkleinkinderen verbroken.
Dat voelt allemaal onnatuurlijk en fout, ik probeer oplossingen te zoeken die er niet zijn maar ben nog niet zover dat ik het kan accepteren. Mijn zus is verder dan mij en spreekt me soms bemoedigend toe “onze vader heeft de sloten vervangen om ons uit te sluiten, hou dat voor ogen”.
Natuurlijk heeft ze gelijk, wellicht heb ik te veel tijd om na te denken. Een onderschat gevolg van mcs is de afzondering waarin je leeft. Waar mijn zus het vaak druk heeft met uitjes en vrijwilligerswerk ben ik gebonden aan een huis dat meestal leeg is. Het is de “veilige” haven waar ik niet zonder kan en dat kan erg benauwend aanvoelen. Maar ook dat zijn frustraties waarvoor geen oplossing is helaas.
Accepteren wat je niet kunt veranderen, ik hou het mezelf zo vaak voor maar het blijft lastig.

Reacties zijn gesloten.